vrijdag 13 oktober 2017

Geschiedenis dichtbij

Tijdens de les geschiedenis is het belangrijk om ook de eigen leefomgeving centraal te stellen als uitgangspunt en als studieobject. Omgevingsonderwijs dwingt tot actief en zelfstandig leren. Leerlingen moeten zelf waarnemen, vragen stellen, vergelijken, interpreteren, analyseren...

Ik daagde de leerlingen uit om op zoek te gaan naar een historische bron van minimum 50 jaar oud binnen de straal van 1 km van hun woonplaats.

De leerlingen moesten met behulp van een stappenplan een identiteitskaart maken bij hun bron en de historische onderzoeksmethode toepassen.

Graag stel ik jullie enkele bronnen voor.

Lucas bracht enkele zilveren munten mee uit de tijd van Napoleon. Bij de verbouwingen vonden zijn ouders een nylon kous met daarin 14 muntjes. Toch moet Lucas niet meedoen met het programma 'Rijker dan je denkt', want al bij al komen dit soort munten veel voor, maar... de waarde stijgt met de jaren.




Annelies vertelde ons het verhaal van 'de schuute' of 'den overzet' aan de Gevaerts:


Als de veerman niet op post was, konden de bewoners hem roepen met de hoorn die ter plaatse hing. De toeter werd later vervangen door een sirene, omdat de dokter vond dat kwalen als koortsblazen of scheurmond van de ene op andere blazer werden doorgegeven. 
Midden de jaren 60 oordeelde de burgemeester dat de jaarlijkse uitgave van 23500  Frank  (nu ± €583) te hoog was om de veerdienst in stand te houden.
Gemiddeld stak nog 1 bewoner per dag de vaart over. De mensen konden niet meer wachten tot de veerman er was. Ze kochten een scooter en reden tot in het dorp om de vaart over te steken.
Veerman Camiel
Neyt liet een traantje, blies op zijn hoorn en stak een allerlaatste keer de vaart over. Ondanks het protest van de wijkbewoners werd de schuit op de oever getrokken en heeft ze meer dan 30 jaar liggen wegroesten tot ze als “monument” in ere werd hersteld (±2002).




Emma vertelde ons over de geschiedenis van het kanaal Gent-Brugge-Oostende. De graafwerken verliepen niet van een leien dakje, wat resulteerde in de slag op het Beverhoutsveld tussen de Bruggelingen en de Gentenaren in 1382. Twee eeuwen later gingen ze gelukkig weer aan de slag. Toen het kanaal af was, lieten de rijken zich met een trekschuit voortgetrokken door paarden van Gent naar Brugge brengen of omgekeerd. Er ligt nog steeds een trekschuit of barge in Gent waar je rondvaarten mee kan houden of een feestje op organiseren. In Beernem is er hiernaar een laan vernoemd: de Bargelaan.



Eva besloot om het niet te ver te zoeken, haar huis is immers een historische bron. In de jaren 30 woonde er een 'lattenkliever'-familie uit Sint-Joris in haar huis.  Een zekere Emiel maakte een carrièreswitch en richtte het huis in als beenhouwerij. Emiel wou geen boer worden, maar toch wou hij de herkomst van zijn vlees kunnen traceren, hij kocht een wei met koeien, hij werkte samen met anderen en werd een succesvol zakenman. In Eva's slaapkamer werd er vroeger wel eens lekker gegeten en gedronken, toen was het immers nog een feestzaal. Eva toont ons de volgens haar leukste bron uit het boekje waar ze haar inspiratie uit haalde.




We hebben onze gemeente veel beter leren kennen, geschiedenis laat zich niet opsluiten in dikke boeken, je botst ook op geschiedenis dichtbij, als je er maar oog voor hebt. 


Geen opmerkingen:

Een reactie posten